Film Fest recensies (1)
En voila, de Film Fest-trein is vertrokken. Op regelmatige basis krijgen jullie recensies te lezen van films die we op het festival zagen. Etappe 1 moet het alvast zonder roerganger en openingsfilm The Fifth Estate doen. Die film staat immers onder embargo, waardoor jullie onze mening pas in de volgende bijdrage mogen lezen. Span-nend ...
Casse-Tête Chinois
Juich vrienden en vijanden, juich. Elf jaar nadat we voor het eerst kennismaakten met de vrolijke bende uitwisselingsstudenten uit L’Auberge Espagnole en acht jaar na hun verdere avonturen in Les Poupées Russes verblijdt Cédric Klapisch ons met het derde luik uit deze zonnige trilogie. Al hopen we dat Klapisch er alsnog een kwartet van maakt. Of een kwintet. Of misschien toch maar niet: Xavier Rousseau (een alweer innemende Roman Duris) heeft intussen genoeg hartzeer moeten tackelen tussen punt A en punt B op zijn levensweg. Misschien is hem een anonieme en gelukkige tweede levenshelft toewensen wel een mooi afscheidsgeschenk. In Casse-Tête Chinois is bijna-veertiger Xavier een gevestigd auteur, maar zijn liefdesleven dobbert nog steeds schots en scheef verder. Zijn relatie met Wendy (Kelly Reilly) – met wie hij twee kinderen heeft – loopt op de klippen en Wendy laat hem weten dat ze van Parijs naar New York verhuist om er bij de nieuwe man in haar leven in te trekken. En uiteraard neemt ze de kinderen mee. Waarop Xavier besluit om zich ook in de Big Apple te vestigen, maar met enkel een toeristenvisum op zak blijkt dat niet zo eenvoudig. Ook Cécile De France en Audrey Tautou zijn opnieuw van de partij in wat alweer een leuke brok globetrottende en in mozaïekstructuur gefilmde joie de vivre à la Klapisch is geworden. Iets wat de fans van l’auberge en les poupées ongetwijfeld graag zullen horen.(116’/***)
Casse-Tête Chinois: is op Film Fest te zien op donderdag 10 oktober, dinsdag 15 oktober en vrijdag 18 oktober.
Ken Loach, Mike Leigh, Andrea Arnold, Shane Meadows … het rijtje Britse sociaalfilmers heeft een nieuwe vis aan de haak geslagen. Naam van de aanwinst is Clio Barnard, die voor The Selfish Giant op het Festival van Cannes het Europa Cinemas Label voor beste Europese film kreeg, omard wordt door het merendeel van de critici en zelfs in commerciële filmbladen als 'Empire' moeiteloos vier sterren achter haar naam krijgt. Ideaal festival- en arthousevoer dus, deze eigentijdse adaptatie van Oscar Wildes kortverhaal The Selfish Giant dat in 1888 verscheen in de kinderverhalenbundel The Happy Prince And Other Tales:. De plot wordt volledig gedragen door Conner Chapman en Shaun Thomas, twee kinderen die hiervoor nog nooit in een film hadden geacteerd. Naturalistisch acteren, het blijft een van de fortes van de Britse sociale cinema. Arbor (Chapman) en Swifty (Thomas) wonen niet ver uit elkaars buurt in het postindustriële gehucht Bradford. Beide komen uit gebroken gezinnen: de ouders van Arbor zijn gescheiden, zijn oudere broer is een junk en zelf heeft hij gedragstoornissen. Swifty komt uit een door armoede gedomineerd gezin, waar de sofa wordt verkocht om de elektriciteitsrekening te kunnen betalen. Wanneer ze beide van school worden gestuurd, beginnen ze oud ijzer te verzamelen voor de plaatselijke schroothandelaar die niet vies blijkt van een criminele handeling of twee. Een happy end lonkt niet aan de einder. Net zoals Loach en co veroordeelt Barnard haar personages niet: ze zijn wie ze zijn, en de schrijnende hardheid en hopeloosheid wordt zonder franjes in al zijn grauwheid geëtaleerd. Geen wonder dat vergelijkingen met Loachs’ valkenklassieker Kes niet van de lucht zijn. (90’/***)
The Selfish Giant: is op het Film Fest te zien op donderdag 10 oktober, zondag 13 oktober en woensdag 16 oktober.