Angel-A
verdeler
acteur/actrice (3)
regisseur (1)
producent (1)
Waar zijn ze gebleven, de jaren tachtig ? Franse spuitwaters waren fou en Franse films chic. Regisseurs als Jean-Jacques Beineix (Diva) en Leo Carax (Les Amants Du Pont Neuf) maakten school als cineasten van films met veel stijl, maar weinig inhoud. Luc Besson sprong met films als Subway op dezelfde trein en verkaste na het succes van Léon naar Hollywood waar hij The Fifth Element draaide. Zijn laatste film was Joan Of Arc in 1999 en sindsdien hield de ambitieuze man zich bezig met het schrijven van flutscenario's (de Taxi-reeks) en het produceren van flutfilms (de Transporter-reeks). Hij richtte de productie/distributiefirma EuropaCorp op en achtte deze zomer de tijd rijp om nog eens zelf achter de camera plaats te nemen. Het resultaat wordt op de valreep van 2005 met veel marketinglawaai in de Franse zalen gedropt (en met iets minder ruchtbaarheid in de Belgische) en de meeste critici veroordelen Bessons nieuwste zonder pardon als een vervelend stuk pretentiecinema.
Een hard verdict, ben je aanvankelijk geneigd te denken. De mooie zwart-wit fotografie van Bessons vaste cameraman Thierry Arbogast doet je veel zin krijgen om de eerstvolgende Thalys naar Parijs te nemen, en de eerste tien minuten waarin we zien hoe de Algerijns-Amerikaanse oplichter André (Jamel Debbouze) uit de handen probeert te blijven van zijn malafide geldschieters zijn best grappig. André ziet het algauw niet meer zitten en besluit zelfmoord te plegen door van één van de vele Parijse bruggen te springen. Groot is zijn verbazing als hij een statige blondine naast hem bemerkt die eerst springt. André springt haar instinctief achterna, redt haar het leven en zij overtuigt hem om geen zelfmoord te plegen en alsnog te proberen wat te maken van zijn leven. Aangezien de vrouw die zichzelf Angela noemt vertolkt wordt door het 1m80 lange Deense supermodel Rie Rasmussen (die modellenwerk doet voor Gucci en Victoria’s Secret, en reeds eerder haar koopwaar etaleerde in De Palma’s “Femme Fatale”) heeft André daar niet zoveel problemen mee. Maar wie is Angela eigenlijk ? En waarom helpt ze hem om de nodige fondsen te verzamelen zodat hij zijn schulden kan betalen ? En waarom wil ze dat André willens nillens zichzelf respecteert ? Omdat Angela een engel is, zo blijkt (getuige de niet zo subtiele woordspeling in haar naam) die uit de hemel is neergedaald met als missie André eigenwaarde mee te geven. Hoe meer aandacht Besson besteedt aan die missie (verpakt in ellenlange saaie dialogen), hoe verder de film afglijdt naar een vervelende praatfilm vooraleer uit te monden in een ronduit idiote climax.
En dan mag Besson nog zoveel kinky scènes uit zijn koker laten rollen als hij wil, aan het eind voel je je met recht en reden bekocht. Het is immers een raadsel waarom Besson ongegeneerd de sentimentele kaart trekt en zijn publiek wil laten geloven dat André en Angela de protagonisten zijn in een magische romance. De verpakking is en blijft zonder discussie chic, maar inhoudelijk is de vervaldatum al verstreken voor de eindgeneriek uit de projector komt rollen.